Fysiotherapie Kempen en Klarenbeek - Specialisatie Chronische of terugkerende (pijn)klachten
Zorgpolissen vergelijken, hoeveel fysiotherapie wordt vergoed?
De vergoedingen voor fysiotherapie in 2017 zijn bekend gemaakt door alle zorgverzekeraars.

Deze informatie is overzichtelijk geplaatst op: http://www.zorgwijzer.nl/vergoeding/fysiotherapie

'Niet bewegen dodelijker dan obesitas'
Te weinig bewegen zorgt mogelijk voor twee keer zo veel vroegtijdige sterfgevallen als obesitas. Dat blijkt uit een onderzoek van de University of Cambridge. Dat meldt het American Journal of Clinical Nutrition.

Obesitas en inactiviteit gaan vaak hand in hand. Toch is bekend dat slanke mensen een groter risico lopen op gezondheidsproblemen als ze te weinig bewegen. Andersom zijn obese mensen die regelmatig bewegen meestal gezonder dan mensen die net zo veel wegen maar niet erg actief zijn.

In deze studie is onderzocht wat de gevaren zijn van obesitas en inactiviteit. De onderzoekers volgden twaalf jaar lang 334.161 Europeanen. Hun gewicht, lengte en middelomtrek werden bijgehouden. Daarnaast gaven de deelnemers door hoeveel ze bewogen. Elk sterfgeval werd geregistreerd.

Hart- en vaatziekten
"Deelnemers die in de categorie ‘inactief’ vielen, bleken het grootste risico te hebben op vroegtijdige overlijden. Dat gold zowel voor degenen met een gezond gewicht, als voor degenen met overgewicht en obesitas", aldus onderzoeker Ulf Ekelund. 
Inactiviteit en obesitas bleken grotendeels dezelfde ziekten te veroorzaken, zoals hart- en vaatziekten. Diabetes type 2 kwam wel vaker voor bij mensen met obesitas.

Volgens de onderzoekers waren jaarlijks ongeveer 676.000 vroegtijdige sterfgevallen toe te schrijven aan inactiviteit, vergeleken met 337.00 vroegtijdige sterfgevallen die te maken hadden met een te hoog gewicht.

Wandelen
Fanatiek sporten hoeft niet eens, volgens Ekelund kan een dagelijkse wandeling al verschil maken. "Twintig minuten lichamelijke activiteit, vergelijkbaar met stevig wandelen, zou voor de meesten mensen in te passen moeten zijn op weg naar hun werk, tijdens de lunchpauze of ’s avonds in plaats van televisie kijken".

Bron:www.nu.nl
 
Nederlanders tevreden over arts en fysiotherapeut. CBS, 20 september 2012 
 
Gemiddeld rapportcijfer zorgverleners, 2011
 
Nederlanders zijn over het algemeen tevreden over hun huisarts. Ouderen en mensen met een goede gezondheid geven hun huisarts doorgaans een zes of hoger als rapportcijfer. 
 
Ook over de andere zorgverleners - specialisten, tandartsen en fysiotherapeuten -  bestaat algemene tevredenheid. Hun gemiddeld rapportcijfer varieerde tussen de 7,5 en 7,9. 
Bron CBS
 
wetenschappelijke onderzoeksresultaten
 
SAMENVATTINGEN  HET VOLLEDIGE ARTIKEL TREFT U ONDERAAN
 
Minder zorgkosten door vroegtijdige fysiotherapie bij rugklachten
Een recent door Spine gepubliceerde studie laat zien dat vroegtijdige fysiotherapeutische interventie bij lage rugpijn, in vergelijking met een later gestarte interventie, aanleiding vormt tot een verminderd gebruik van latere zorg en lagere totale zorgkosten.  
 
Onderzoek 32.070 patiënten die voor het eerst bij een huisarts wegens lage rugpijn 
Patiënten die meteen naar een fysiotherapeut werden doorverwezen, binnen maximaal 14 dagen, zijn vergeleken met de patiënten die later, 15-90 dagen na het huisartsenconsult, door een fysiotherapeut werden geholpen. In volgende 18 maanden bleek dat vroegtijdige fysiotherapeutische interventie in relatie stond met: 
-verminderd risico op een daaropvolgende operatie, injecties, artsen bezoek, gebruik van opiaten, en beeldvormende technieken
-de totale zorgkosten lagen gemiddeld $ 2.736 lager bij de patiënten die sneller een fysiotherapeutische interventie kregen.
Vroege fysiotherapeutische zorg is een beter alternatief voor behandelstrategieën die de patiënt een gevoel van afhankelijkheid geven zoals  MRI of zware pijnstillers. 28 mei 2012 Bron: spinejournal  www.fysiovergoedingen.nl
 
Spine beschreef in april ook al een onderzoek dat de voordelen van vroege fysiotherapie bij lage rugpijn onderschrijft. 
In deze studie hebben onderzoekers ontdekt dat patiënten na die na een periode van acute lage rugpijn daarna vroegtijdig (binnen 30 dagen) fysiotherapie kregen een lager risico hadden om later uitgebreide medische zorg te ontvangen (een operatie of pijnblokkades) dan patiënten waarbij fysiotherapie later ingezet werd.
 
Rug- en nekpijn drukken grote stempel op privéleven werkende Nederlanders
Bijna de helft van de werkende Nederlanders (49,5%) heeft last van rug- of nekpijntijdens of na het werk.Deze klachten drukken een grote stempel op hun privéleven. Van hen moet een op de drie dagelijks (leuke) dingen laten. Bijna een kwart van de ondervraagden geeft aan hierdoor zelfs slecht te slapen.  
Bijna een derde (32,6%) van de Nederlanders weet van collega’s dat ze last hebben van rug- of nekpijn. 9 februari 2012  www.medicalfacts.nl  Janine Budding
 
Hele dag slenteren beter dan uurtje intensief sporten Loopband achter bureau
‘Sporten is geen tegengif voor te veel zitten. De enige remedie is simpelweg... minder zitten’, zegt dokter Hans Savelberg van de universiteit van Maastricht. En daarvoor volstaat het dat je aan een lage intensiteit beweegt. Dus: meer staan, slenteren of wandelen. ‘Denk aan de eeuwenoude spreuk: rust roest.’
Onderzoek toont aan dat door te veel te zitten je stofwisseling in negatieve zin verandert en dat daardoor het risico op overgewicht en de daarbij horende problemen vergroot. Uit ons onderzoek blijkt ook dat wie per dag vijf uur laagintensief beweegt meer calorieën verbrandt dan wie één uur per dag sport en voor de rest vooral stilzit. Slenteraars zouden ook tot 25 procent minder kans hebben op diabetes en hart- en vaatziekten.Auteur: Kaatje De Coninck 6 juni 2012 www.nieuwsblad.be 
Computer levert jeugd RSI bij het schrijven
Jongeren, opgegroeid met de computer, krijgen op school last van RSI-achtige verschijnselen - niet van de computer, maar van het schrijven.
Door veelvuldig gebruik van de computer verleren kinderen hoe ze met een pen moeten schrijven. Klachten over verkrampte vingers en zelfs hele armen zijn niet van de lucht. 6 februari 2012
 
Patiënten met onverklaarde verlammingen in hun arm, blijken een andere werking van hun hersenen te hebben.
De uitkomsten van Van Beilens onderzoek kunnen de medische blik op lichamelijk onvoldoende begrepen klachten in het algemeen veranderen. Van Beilen hoopt dat artsen en patiënten elkaar beter kunnen begrijpen en er meer motivatie en mogelijkheden voor behandeling kunnen ontstaan.
Lichamelijk onvoldoende verklaarde klachten komen veel voor en hebben vele verschijningsvormen, zoals onverklaarde (buik-, spier-, hoofd)pijn, vermoeidheid of neurologische en gynaecologische klachten. 26-oktober 2011 Bron: UMC Groningen
 
 
Ruim helft amateurvoetballers raakt jaarlijks geblesseerd
Jaarlijks ongeveer 3,7 miljoen acute en overbelastingblessures in de sport. Ongeveer 620.000 van deze sportblessures is het gevolg van veldvoetbal.
Het maakte daarbij niet uit of de spelers zich hadden voorbereid op de training volgens de FIFA-warming up-methodiek ‘De11’.
Preventie van voetbalblessures is vanuit een sociaal maatschappelijk, economisch en vooral sportief oogpunt erg belangrijk.19 januari 2012 www.umcutrecht.nl 
 
IN HET NIEUWS
 
Minder zorgkosten door vroegtijdige fysiotherapie bij rugklachten 
28 MEI, 2012 
 
Een recent door Spine gepubliceerde studie laat zien dat vroegtijdige fysiotherapeutische interventie bij lage rugpijn, in vergelijking met een later gestarte interventie, aanleiding vormt tot een verminderd gebruik van latere zorg en lagere totale zorgkosten. 
 
Onderzoekers deden een steekproef onder 32.070 patiënten die voor het eerst een huisarts wegens lage rugpijn consulteerde. De patiënten werden geïdentificeerd en gecategoriseerd op basis van het gebruik van fysiotherapie binnen een termijn van 90 dagen na het consult bij de huisarts. 
 
Degenen die meteen naar een fysiotherapeut werden doorverwezen (binnen maximaal 14 dagen na het consult) toonde een verminderd risico van latere zorggebruik en lagere totale zorgkosten dan de patiënten die later (na 15 tot 90 dagen na het huisartsenconsult) door een fysiotherapeut werden geholpen. 
 
Tijdens een follow-up periode van 18 maanden, vonden de onderzoekers dat een vroegtijdige fysiotherapeutische interventie in relatie stond met een verminderd risico op een daaropvolgende operatie, injecties, artsen bezoek, gebruik van opiaten, en beeldvormende technieken, samen met een overeenkomstige vermindering van de totale aan rugpijn gerelateerd zorgkosten ten opzichte van later gestarte fysiotherapeutische interventie. 
 
De totale zorgkosten lagen gemiddeld $ 2.736 lager bij de patiënten die sneller een fysiotherapeutische interventie kregen.  
 
Volgens onderzoeker Julie M. Fritz, universitair hoofddocent bij de afdeling Fysiotherapie aan de Universiteit van Utah en wetenschappelijk onderzoeker bij Intermountain Healthcare in Salt Lake City, “De waarde van het doorverwijzen van patiënten voor fysiotherapie, die voor het eerst een huisarts raadplegen met lage rugpijn hangt waarschijnlijk af van de timing van het verwijzen en hoe patiënten zich houden aan fysiotherapie adviezen met betrekking tot het blijven bewegen en het opbouwen van de activiteiten. ” 
 
Ze voegt toe: “Ondanks het feit dat de richtlijn voor huisartsen een afwachtend beleid zonder fysiotherapie voorschrijft zagen we dat ongeveer de helft van de patiënten binnen twee weken begeleiding kregen en dat er steeds meer aanwijzingen zijn die deze praktijk rechtvaardigt”
 
Fritz denkt dat een mogelijke verklaring voor het verband tussen de vroege zorg door een fysiotherapeut en de positieve resultaten gevonden kan worden omdat de fysiotherapeut een bijdrage levert bij het bevorderen van een groter gevoel van zelfredzaamheid en het vertrouwen in een positief resultaat.
“Als een fysiotherapeutische behandeling helpt bij de ontwikkeling van de overtuiging om adequaat en efficiënt te handelen, is het redelijk te verwachten dat het meer effect zou hebben wanneer deze in een vroeg stadium gegeven, nog vóórdat er negatieve verwachtingen worden versterkt en verankerd.” 
 
Fritz voegde eraan toe dat vroege fysiotherapeutische zorg een beter alternatief voor behandelstrategieën die de patiënt een gevoel van afhankelijkheid geven, zoals dat vaak bij het gebruik van MRI of zware pijnstillers optreedt.
 
Spine beschreef in april ook al een onderzoek dat de voordelen van vroege fysiotherapie bij lage rugpijn onderschrijft. 
In deze studie hebben onderzoekers ontdekt dat patiënten na die na een periode van acute lage rugpijn daarna vroegtijdig (binnen 30 dagen) fysiotherapie kregen een lager risico hadden om later uitgebreide medische zorg te ontvangen (een operatie of pijnblokkades) dan patiënten waarbij fysiotherapie later ingezet werd.
Bron: spinejournal  
 
Rug- en nekpijn drukken grote stempel op privéleven werkende Nederlanders
9 februari, 2012
 
- Bijna een kwart heeft een slechte nachtrust door rug- of nekpijn
- Een op de drie moet dagelijks (leuke) dingen laten als sporten of het huishouden
- Bijna een derde van de Nederlanders weet van collega’s die last hebben van rug- of nekpijn
 
Bijna de helft van de werkende Nederlanders (49,5%) heeft last van rug- of nekpijn tijdens of na het werk. 
Deze klachten drukken een grote stempel op hun privéleven. Van hen moet een op de drie dagelijks (leuke) dingen laten. Bijna een kwart van de ondervraagden geeft aan hierdoor zelfs slecht te slapen. 
 
Uit het onderzoek komt ook naar voren dat het uitoefenen van hobby’s, sport en sex lijdt onder rug- en nekklachten. Een op de drie moet dagelijks (leuke) dingen laten als sporten, het huishouden of sex.
 
Te lang achter de computer
Als belangrijkste oorzaken voor rug- of nekpijn bij de werkende Nederlanders worden té lang achter een computer zitten (42,9%), een slechte zithouding (38,1%) en/of stress (30%) genoemd. Werkende Nederlanders belanden vaak in de vicieuze cirkel van rug- of nekpijn, slecht slapen, minder effectief werken, slecht slapen, nog minder effectief en meer rug- of nekpijn. Ook noemen we te weinig tijd voor sport als oorzaak voor rug- en nekpijn.
 
De meeste pijn wordt ervaren door mensen met kantoorbanen in het bedrijfsleven (34,3%), gevolgd door mensen uit de medische/verzorgende wereld en ambtenaren. Zij brengen gemiddeld 7 uur per dag zittend door. Bijna een derde (32,6%) van de Nederlanders weet van collega’s dat ze last hebben van rug- of nekpijn.
 
Natuurlijke oplossingen populairder dan slikken pijnstillers
Tussen 9 en 5 proberen we de pijn vooral te verlichten door een rondje te lopen (50%). Een natuurlijke oplossing is hiermee populairder dan het slikken van pijnstillers, dat op de tweede plek staat (41%). Eenmaal thuis zien we warmte als de beste therapie. Het liefst nemen we een warme douche (22%) tegen de pijn.
 
Pijn en slecht slapen, maar niet ziekmelden
Opvallend is dat terwijl we regelmatig pijn ervaren en er vaak slecht door slapen, er weinig wordt geklaagd. Maar liefst 99% meldt zich niet ziek en 2% schakelt de arbodienst in.
 
Waarom komen rug- of nekpijn zo vaak voor?
Bedrijfsarts Pieter de Jongh geeft naar aanleiding van het onderzoek het volgende aan: “Langdurig zittend werk, staand werken en gehurkt werken vergroten de kans op nek- en lage rugklachten. Hoe langer je in deze houdingen achtereen werkt, des te meer kans op klachten.
 
De gangbare veronderstelling dat mensen die veel achter de computer zitten een groter risico op RSI lopen blijkt echter onjuist. 
Integendeel, er is geen verband tussen de duur van het computergebruik en het optreden van klachten”.
 
De Jongh geeft een aantal oorzaken voor rug- of nekpijn:
- We bewegen te weinig: we zijn gebouwd om te bewegen
- Er is een relatie tussen bepaalde houdingen en (rug) klachten.
- Er is mogelijk een relatie tussen langdurige stress en klachten als rug en nekklachten.
 
Tips van de bedrijfsarts
Uit het onderzoek blijkt dat er veel klachten over rug- of nekpijn zijn  onder werkende Nederlanders, maar dat ze niet veel hulp zoeken. Je kunt er zelf ook veel aan doen:
1. Beweeg zo veel mogelijk, ook tijdens je werk. Maak korte breaks, maak een lunchwandeling of doe desnoods oefeningen achter de computer. Beweeg thuis matig-intensief: minimaal half uur per dag.
2. Zorg voor ontspannen werken. Ga in gesprek met uw leidinggevende als u onder spanning staat. Vraag ook uw bedrijfsarts voor advies.
3. Soms lukt ontspannen werken niet. Zorg dan voor ontspanning na het werk. Denk aan sporten, de sauna (warmte) en leuke mensen om je heen (dit is weer ander soort “ warmte”).
4. Onderzoek wat voor jou werkt. Helpt meer bewegen? Is er stress? Helpt warmte op een pijnlijke plek? Helpt een massage?
5. De meeste houdingstips voor op het werk zijn goed bedoeld. Toch worden ze zelden opgevolgd. Dat komt omdat ze vaak onnatuurlijk zijn: zit rechtop of til door je knieën.
 
Over het ThermaCare rug- en nekklachten onderzoek
Het onderzoek onder ruim 500 Nederlanders is bedoeld om in kaart te brengen of werkende Nederlanders tussen 25 en 60 jaar last hebben van rug- of nekpijn. ThermaCare wilde onderzoeken hoeveel mensen last hebben van pijn en waar deze pijn door ontstaat en welke (leuke) dingen we moeten laten door rug- of nekklachten.
Het rug- en nekklachten onderzoek is een initiatief van ThermaCare
 
 
Hele dag slenteren beter dan uurtje intensief sporten Loopband achter bureau
6-6-2012   ‘Sporten is geen tegengif voor te veel zitten. De enige remedie is simpelweg... minder zitten’, zegt dokter Hans Savelberg van de universiteit van Maastricht. En daarvoor volstaat het dat je aan een lage intensiteit beweegt. Dus: meer staan, slenteren of wandelen. ‘Denk aan de eeuwenoude spreuk: rust roest.’ Voortduren hameren gezondheidsspecialisten er op dat we meer aan sport moeten doen. Als je elke dag een halfuurtje matig intensief sport, word je gezonder, zeggen ze. Maar is dat wel zo? ‘Het probleem met die gedachte is dat wie een halfuur per dag sport, nog 23,5 uur per dag overhoudt om te zitten en te liggen’, zegt dr. Hans Savelberg van de universiteit van Maastricht.

Onderzoek toont aan dat door te veel te zitten je stofwisseling in negatieve zin verandert en dat daardoor het risico op overgewicht en de daarbij horende problemen vergroot. ‘Uit ons onderzoek blijkt ook dat wie per dag vijf uur laagintensief beweegt – dus staan, slenteren, wandelen, fietsen... – meer calorieën verbrandt dan wie één uur per dag sport en voor de rest vooral stilzit. Slenteraars zouden ook tot 25 procent minder kans hebben op diabetes en hart- en vaatziekten.’

Hoewel zijn onderzoek kleinschalig was – de onderzoeksgroep besloeg maar twintig personen – staat Savelberg niet alleen met zijn conclusies. ‘Vroeger dacht men dat het geen kwaad kon als je wat langer voor tv hing, als je daarnaast ook sportte. Maar uit de meest recente studies blijkt toch dat als je te veel op je luie kont zit, dat een extra risicofactor is voor je gezondheid’, zegt professor Ilse De Bourdeaudhuiy van de UGent.
Zij werkt mee aan het Europese ENERGY-project. Dat kreeg een beurs van bijna 3 miljoen euro van de Europese Commissie om uit te zoeken of kinderen vermageren als ze gestimuleerd worden om in het dagelijkse leven meer te bewegen.

Loopband achter bureau

Ook in de VS is er steeds meer onderzoek naar de gevaren van zittend gedrag. Een van de leidende experts daar is endocrinoloog James Levine. Hij bedacht de ‘treadmill desk experience’: hij laat mensen werken, terwijl ze op een loopband staan. Als ze dat heel langzaam – aan een tempo van 1,6 kilometer per uur – de acht uur per dag doen die ze normaal zittend achter hun bureau doorbrengen, zouden ze tot 25 kilo per jaar kunnen afvallen.

Wie het afschrikt om vijf uur per dag te slenteren of uren op een loopband door te brengen, moet zich niet laten ontmoedigen. 
‘De eerste grote studies tonen aan dat het al veel doet als je je zitpatroon elk halfuur even onderbreekt’, aldus Savelberg en de Bourdeaudhuij. Sta dus eens vaker recht om een kopje thee te halen, loop in je pauze even rond of parkeer je auto iets verder van je bestemming. Auteur: Kaatje De Coninck 6-6-2012 www.nieuwsblad.be 
 
Computer levert jeugd RSI bij het schrijven
Door veelvuldig gebruik van de computer verleren kinderen hoe ze met een pen moeten schrijven
6 februari 2012
 
Jongeren, opgegroeid met de computer, krijgen op school last van RSI-achtige verschijnselen - niet van de computer, maar van het schrijven.
 
De problemen doen zich vooral voor bij toetsweken en examens waarin onder spanning veel met de pen geschreven moet worden. "Ze houden hun pen te gespannen vast", zegt een bewegingsconsulent in de Belgische krant Het Nieuwsblad.
Volgens een onderzoekje van de Volkskrant blijken ook in Nederland de klachten over verkrampte vingers en zelfs hele armen niet van de lucht.
 
Het handschrift van de jongeren is door het onhandige gebruik van de pen ook steeds slechter. De Groningse hoogleraar Lambert Schomaker, specialist in handschriften, zegt dat uit een testje waarbij studenten elkaars handschrift moeten lezen bleek dat slechts 50 tot 60 procent van de woorden leesbaar was. 
 
Steeds meer scholen, zowel in het voortgezet als in het hoger onderwijs, zetten digitale toetsen in. Het voordeel is dat docenten minder moeite hebben met het ontcijferen van de antwoorden en in sommige gevallen zelfs de beoordeling van de ingeleverde toetsen automatisch kunnen uitvoeren. Voor de scholieren en studenten niet altijd een gunstige ontwikkeling, volgens toetsenontwikkelaar Sylvester Draaijer van de Vrije Universiteit. Hij denkt dat docenten strenger zijn als ze getypte antwoorden moeten nakijken. "Ik denk dat ze in handgeschreven antwoorden eerder geneigd zijn het goede te lezen", zegt hij in de Volkskrant.
 
 
Psychische verlamming in arm geen aanstellerij
Bij onverklaarde verlamming tonen hersenscans dat de hersenen onopzettelijk en onbewust bepaalde functies als bewegen, spreken of zien uitschakelen in reactie op psychologische stress
26-10-2011
 
Patiënten met onverklaarde verlammingen in hun arm, blijken een andere werking van hun hersenen te hebben. Een deel van hun hersenen is bij bewegingen minder actief dan bij gezonde mensen of bij mensen die bewust een verlamming nabootsen. Hersenscans laten zien hoe onze hersenen in staat zijn onopzettelijk en onbewust bepaalde functies zoals bewegen, spreken of zien uit te schakelen in reactie op psychologische stress. Dit biedt een belangrijk aanknopingspunt voor artsen en patiënten voor de behandeling van lichamelijke symptomen die samenhangen met psychologische stress.
 
Dit blijkt uit een studie van hersenonderzoeker Marije van Beilen van het Universitair Medisch Centrum Groningen.In haar onderzoek richtte Van Beilen zich specifiek op de hersenactiviteiten bij onverklaarde verlammingen in de armen. Zij volgde daartoe negen patiënten met een lichamelijk onverklaarde verlamming en 35 gezonde vrijwilligers waarvan 14 een verlamming nabootsten, in de fMRI-scanner. De deelnemers aan de studie werden gevraagd hun hand te bewegen en zich in te beelden dat ze de hand bewogen. Hierdoor kon zij patiënten vergelijken met gezonde mensen die de stoornis opzettelijk nabootsten of die normaal bewogen.
 
Resultaten onderzoek
Uit het onderzoek blijkt dat twee gedeelten van de hersenen minder actief zijn bij de patiënten. 
 
- De eerste, de precuneus, is het deel van de hersenen dat vooral is betrokken bij psychologische functies, zoals bewustzijn, zelfreflectie en het geheugen voor persoonlijke levenservaringen.
Dat dit gebied in de hersenen minder actief is, geeft inzicht in hoe psychologische factoren als stress of depressie, lichamelijke symptomen kunnen veroorzaken. 
 
- Het tweede hersendeel, de gyrus supramarginalis, is betrokken bij bewegingen.
Dit deel van de hersenen is minder actief bij de patiënten, ook wanneer ze hun gezonde arm gebruiken en zelfs wanneer ze alleen maar aan bewegen denken.
 
Betekenis uitkomsten
Voor patiënten en artsen betekent dit, dat nu duidelijk is dat onverklaarde lichamelijke klachten, gepaard kunnen gaan met afwijkingen in de hersenfunctie. Dit soort klachten die ‘tussen de oren’ zitten, zijn regelmatig reden voor ergernis tussen artsen en patiënten: artsen kunnen een grote groep patiënten onvoldoende helpen en patiënten kunnen het gevoel hebben dat ze zich aanstellen.
 
De uitkomsten van Van Beilens onderzoek kunnen de medische blik op lichamelijk onvoldoende begrepen klachten in het algemeen veranderen. Van Beilen hoopt dat artsen en patiënten elkaar beter kunnen begrijpen en er meer motivatie en mogelijkheden voor behandeling kunnen ontstaan.
 
Lichamelijk onvoldoende verklaarde klachten
Lichamelijk onvoldoende verklaarde klachten komen veel voor en hebben vele verschijningsvormen, zoals onverklaarde (buik-, spier-, hoofd)pijn, vermoeidheid of neurologische en gynaecologische klachten. Vaak in samenhang met psychologische stress ontstaan lichamelijk symptomen, die vervolgens chronisch kunnen worden.
Deze klachten worden niet opzettelijk voorgewend. De symptomen zijn echter bijna identiek aan opzettelijk nagebootste klachten, wat patiënten het gevoel kan geven dat ze niet serieus genomen worden.
Bron: UMC Groningen
 
 
Ruim helft amateurvoetballers raakt jaarlijks geblesseerd
19 januari 2012 www.umcutrecht.nl
 
Het UMC Utrecht en de KNVB hebben de afgelopen twee jaar een groot onderzoek naar blessures in het amateurvoetbal verricht. In het onderzoek werden 23 teams van twee KNVB-districten een seizoen lang gevolgd. 
 
Gedurende het seizoen raakte 60% van de spelers geblesseerd, voornamelijk aan het bovenbeen, de knie of enkel.
 
Het maakte daarbij niet uit of de spelers zich hadden voorbereid op de training volgens de FIFA-warming up-methodiek ‘De11’.

In Nederland treden jaarlijks ongeveer 3,7 miljoen acute en overbelastingblessures in de sport op. Ongeveer 620.000 van deze sportblessures is het gevolg van veldvoetbal. Preventie van voetbalblessures is vanuit een sociaal maatschappelijk, economisch en vooral sportief oogpunt erg belangrijk. Daarom hebben de KNVB en het UMC Utrecht gezamenlijk een groot onderzoek naar voetbalblessures en blessurepreventie verricht.

Opzet onderzoek
In het seizoen 2009-2010 zijn 23 teams van de eersteklasse-amateurs van de zaterdagafdeling uit de districten Noord en Zuid I gevolgd. Het ging daarbij om mannelijke, volwassen spelers. In district Noord deden 223 spelers aan ‘De11’ mee; district Zuid I bestond uit 233 spelers, die trainden zoals te doen gebruikelijk. De gemiddelde leeftijd van de spelers was 24,8 jaar en gemiddeld speelden zij al 17,5 jaar voetbal.

De teams in de interventiegroep werden geïnstrueerd om de warming up voor de training volgens de FIFA-methodiek ‘De11’ uit te voeren. ‘De11’ bestaat uit 10 oefeningen en richt zich voornamelijk op het verbeteren van coördinatie, stabiliteit, wendbaarheid en spierkracht in de benen. Alle deelnemers uit de controlegroep werd gevraagd om hun gebruikelijke warming-up voort te zetten. In het onderzoek werd vooral gekeken naar het aantal en de aard van de voetbalblessures en het bijbehorende herstel. De trainers, verzorgers en spelers van de 23 clubs werkten actief mee aan het onderzoek door hun trainings- en wedstrijduren en voetbalblessures te registeren. De gegevens werden verzameld middels het Blessureregistratie Informatie Systeem (BIS) van TNO.

Resultaten
Gedurende het seizoen raakte 60% van de spelers geblesseerd. In totaal zijn 427 blessures geregistreerd, waarvan 81% acuut. In beide districten kwamen nagenoeg evenveel blessures voor, maar er werden meer knieblessures in de controlegroep waargenomen. De meeste blessures kwamen voor aan de enkel (19%), de hamstrings en de knie (beiden 16%). Prof. dr. Frank Backx, hoogleraar sportgeneeskunde bij het UMC Utrecht: “Het hoge percentage hamstringblessures in het amateurvoetbal heeft ons verrast. Het is voor ons aanleiding om dit nader te bestuderen.”

In de helft van de gevallen ging het om spier- en peesblessures en bij ruim een kwart van de blessures om letsel aan gewrichten en bindweefsel (27%). Bij zes van de tien van de voetballers werd de blessure behandeld met ijs en/of koeling; ruim de helft van de spelers bezocht een fysiotherapeut. Bij 70% van de spelers duurde het één tot vier weken tot zij hersteld waren. Het doorsnee sportverzuim duurde 16 dagen. Slechts 5% verzuimde door de blessure van werk of school. Ruim een kwart had bij sporthervatting nog restklachten (vooral pijn).

Ton van Klaveren, manager SMC bij de KNVB, benadrukt dat het onderwerp blessurepreventie een belangrijk uitgangspunt is voor de grootste nationale sportbond: “Voetbal is volkssport nummer één. Wekelijks voetballen meer dan een miljoen mensen van alle leeftijden, uit alle lagen van de samenleving en op alle niveaus. Uit onderzoek komt naar voren dat de maatschappelijke baten van actief sporten hoger zijn dan de lasten. 
 
Zo zijn actieve voetballers minder vaak ziek en hebben ze ook minder last van andere gezondheidsklachten. De balans slaat dus door naar de positieve gezondheidseffecten. Waar gesport wordt, zijn helaas ook blessures. Dit neemt niet weg dat wij het belangrijk vinden om tot een vermindering van het aantal blessures in de gehele voetbalsport te komen. We willen dat iedereen op plezierige wijze de voetbalsport kan beoefenen.”